Tekst: Geena Daniels
WEET magazine editie 21 – april 2021

De stigmatisering die in onze maatschappij heerst over voornamelijk vrouwen die een eetstoornis kunnen ontwikkelen, is een veelvoorkomend en besproken onderwerp. Dat echter ook mannen het slachtoffer kunnen worden van het ontwikkelen van een eetstoornis of mogelijk verstoord eetgedrag vertonen, is een onderbelicht onderwerp. De wetenschap en media vertellen ons dat mannen wel degelijk kunnen kampen met een eetstoornis, maar dat dit ziektebeeld zich wel anders bij hen manifesteert. Zo wijst onderzoek uit dat de nadruk voor de meeste mannen vooral ligt op het ontwikkelen van zoveel mogelijk spiermassa en kunnen zij hierin doorslaan met een verstoord eetpatroon als gevolg. Hoe komt het dat dit ziektebeeld zich bij hen anders uit en kan hier binnen de behandeling op aangesloten worden om de weg naar herstel ook voor mannen zo effectief mogelijk te laten verlopen?

Recente bevindingen
Een studie onder Australische adolescenten schatte de prevalentiecijfers van diagnoses van DSM-5 eetstoornissen bij mannen. Volgens dit onderzoek voldeed 12,8% aan de criteria voor elke diagnose van een eetstoornis waaronder: ‘Andere gespecificeerde voedings- en eetstoornis’ (OSFED, 8,5%), ‘nacht-eetsyndroom’ (4,9%), ‘boulimia nervosa’ (1,8%), ‘niet-gespecificeerde voedings- en eetstoornis’ (UFED , 1,3%), en ‘atypische anorexia nervosa’ (1,2%). Nationaal representatieve enquêtes in de VS tonen aan dat 30% van de adolescente jongens aangeeft dat ze proberen aan te komen of in omvang aan te komen, inclusief 40% van de jongens die volgens hun BMI binnen een ‘normale range’ vielen. Bijna 22% van de jonge mannen geeft aan dat ze zich bezighouden met spierversterkend gedrag, waaronder meer of anders eten om spieren op te bouwen (17%), supplementen gebruiken (7%) en androgene – anabole steroïden gebruiken (3%). In totaal meldt 15% van de jonge mannen met een BMI van ten minste 25 dat ze ongeordend eetgedrag vertonen, waaronder vasten, maaltijden overslaan, braken, laxeermiddelen, diuretica of eetaanvallen.

Medische complicaties
De complicaties voor mannen met een eetstoornis zijn minstens zo ernstig als die voor vrouwen. Zo zorgt met name ondervoeding voor het aantasten van de organen en blijkt uit een klinische steekproef dat er bij veel mannen sprake kan zijn van instabiliteit van de vitale functies. Zoals bradycardie: het hebben van een onregelmatige hartslag en abnormaal cholesterolgehalte. Daarnaast werden eetbuien bij mannen in verband gebracht met hyperlipidemie: verhoogd cholesterol- en-of vetgehalte in het bloed.

Behandeling
Medische richtlijnen die specifiek zijn voor mannelijke populaties ontbreken, en zijn meestal gebaseerd op onderzoek en klinische ervaring met vrouwen. Sommige klinische richtlijnen gebruiken nog steeds criteria, zoals amenorroe (de afwezigheid van de menstruatie), die niet van toepassing zijn op de mannelijke populaties. Bijkomende gebieden waarop klinische begeleiding ontbreekt voor adolescente jongens en jonge mannen zijn onder meer: het gebruik van BMI en gewichtsverlies als maatstaf voor ondervoeding en de ernst van de ziekte, voedingsprotocollen en de beoordeling en behandeling van het gebruik van prestatie bevorderende middelen. Er blijken maar weinig gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken te zijn over mannen met een eetstoornis. De meeste gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken hebben mannelijke patiënten zelfs actief uitgesloten op basis van hun vermeende atypische eigenschappen. Kwalitatief onderzoek toont aan dat mannen met een eetstoornis aangeven dat ze zich ‘de vreemde eend in de bijt’ of ‘atypisch’ voelen in de huidige door vrouwen gedomineerde behandelingsomgevingen. Een gebied waar nog veel winst en aansluiting te behalen valt dus.

Toekomstig onderzoek
Opkomend onderzoek toont aan dat er nog maar weinig geïndividualiseerde zorg is omtrent eetstoornissen onder jongvolwassen mannen. Daarnaast blijken de bestaande beoordelingsinstrumenten vaak ongevoelig te zijn voor eetstoornissen gericht op ‘spierkracht vergroten’ wat vaak het doel is voor jongvolwassen mannen. De unieke zorgen die zij ervaren met betrekking tot verstoord eetgedrag en lichaamsbeeld zijn factoren waar rekening mee gehouden dient te worden om deze zorg zo efficiënt mogelijk te ontwikkelen. Op dit moment zijn de klinische richtlijnen nog niet volledig afgestemd op de specifieke zorgen van mannen zoals: spiermassa willen opbouwen, aankomen in gewicht/omvang en overmatig bewegen of eten om dit te bereiken. Voor de behandeling bij mannen met een eetstoornis is het tenslotte het belangrijkste om zo goed mogelijk aan te sluiten bij hun persoonlijk behoeften. Toekomstig onderzoek zal zich daarom meer moeten richten op deze ‘man specifieke kenmerken’, op de behandeling en interventies om ook dit ziektebeeld bij mannen zo efficiënt, doelgericht en effectief mogelijk aan te pakken en op die manier te optimaliseren.

Disclaimer:
In de rubriek ‘in de wetenschap’ behandelen we elke editie een of meerdere onderzoeken. Wij doen ons best om de onderzoeken te beschrijven op een manier die voor iedereen leesbaar is. Wij kunnen nooit alle onderzoeken behandelen, daarvoor zijn het er simpelweg teveel. De rubriek is bedoelt om iedereen een kijkje te geven in de huidige stand van de wetenschap.

Let op: Het gaat hierbij om de uitkomsten van een onderzoek. Nieuw onderzoek kan de uitkomsten van eerder onderzoek weerleggen en soms zijn er verschillende uitkomsten bij onderzoeken over hetzelfde onderwerp.

Literatuur
Nagata, J. M., Ganson, K. T., & Murray, S. B. (2020). Eating disorders in adolescent boys and young men: an update. Current Opinion in Pediatrics, 32(4), 476-481.

Dit is een artikel uit WEET magazine. Als lid ontvang je 3x per jaar het WEET magazine en steun je onze activiteiten op het gebied van informatievoorziening, lotgenotencontact en belangenbehartiging. Meer informatie over lidmaatschap vind je onder Steun WEET.

MENU
WEET